Als het water voldoende zuurstof bevat kunnen groen kikkers hun winterslaap zelfs onder een dikke ijslaag houden


Koudbloedigen

Koudbloedige dieren kunnen best wel op warmte gesteld zijn. Voor vele is een lichaamstemperatuur van zo'n 37 graden Celsius aangenaam, maar ze zijn niet in staat om warm te blijven als de omgeving afkoelt. Vergeleken met warmbloedige dieren zijn ze in het nadeel, omdat ze bij koude sloom en traag zijn. Daarentegen zijn ze met hun lager energieverbruik weer in het voordeel. De spreekwoordelijke kouwe kikker kan dus best wel vurig worden, als zijn omgeving maar lekker warm is. 

Insecten

In de insectenwereld is een diapauze de meest voorkomende manier om barre omstandigheden te trotseren. Met een volledige omschakeling van de stofwisseling bereidt het lichaam zich voor op strenge vorst, intense droogte maar ook grote hitte. Aan een diapauze is een inwendige klok verbonden die er voor zorgt dat een insect op tijd in winterrust gaat. Voor enkele soorten kan dat al in hartje zomer gebeuren. Maar er zijn ook insecten die juist in de winter actief zijn. Tenslotte zijn er in de winter geen vleermuizen die 's nachts op insecten jagen en ook overdag is de kust betrekkelijk veilig omdat de meeste insectenetende vogels naar warme sterken zijn uitgeweken.

Vorstvrij slapen

Reptielen en amfibieën zijn aangewezen op de winterslaap. Bij een lage temperatuur vertraagt hun stofwisseling, maar gaat wel door. In het voorjaar komen deze dieren dan ook broodmager tevoorschijn. Bevriezing en overleven ze niet, ze zijn aangewezen op een vorstvrije plek. Kikkers kunnen zelfs onder het ijs een winterslaap houden, maar het water moet dan wel voldoende zuurstof bevatten.

Einde van dit hoofdstuk

www.natuurdichtbij.nl