| Rijn en Maas |
|
pagina
2 Maas De Maas is 935 kilometer lang. Zij ontspringt ongeveer 200 km ten noorden van Dijon op een hoogte van 409 meter boven zeeniveau. Vanuit Frankrijk, Luxemburg en België bereikt de Maas bij Eijsden onder Maastricht ons land. Het Nederlandse deel van de Maas tot aan haar monding in het Haringvliet, is zo'n 300 km lang.
Het stroomgebied van de Maas is ongeveer zo groot als Nederland, zo'n 36.000km2. Dat is zesmaal zo klein als het stroomgebied van de Rijn. Er zijn geen grote watervoorraden in de vorm van gletsjers of sneeuw. De gemiddelde afvoer van de Maas is 230m3 per seconde. Het hele jaar door wordt de Maas gevoed door regenwater. Dit betekend hoge afvoeren in de winter en lage afvoeren in de zomer, wanneer de verdamping hoog is. In de Ardennen bestaat het stroomgebied van de Maas uit een heuvelachtig gebied met een rotsige, slecht doorlatende ondergrond., waar neerslag snel afstroomt. Intensieve regenval in de Ardennen leidt binnen een dag tot hoge Maaswaterstanden in Limburg. En omdat het stroomgebied van de Maas relatief klein is, is de kans groot dat er overal in het stroomgebied tegelijkertijd veel regen of sneeuw valt.
De
Franse Maas is voor een deel bevaarbaar gemaakt met stuwen
(gekanaliseerd). Op Belgisch grondgebied id de Maas volledig
gekanaliseerd. Om de Maas ondanks de lage waterstanden in de zomer
bevaarbaar te houden is zij ook in ons land over een lang traject
permanent gestuwd.
|